“Er moet meer gemasseerd worden!”

Met veel plezier presenteren wij: Golden Oldies! Fysiotherapeuten met jarenlange ervaring die de kwaliteit binnen FysioHolland waarborgen zullen hier hun intrede maken. Met deze keer: Salo Muller, fysiotherapeut die bekend werd bij AFC Ajax.

Op een houten tafel met daarop een vervuilde paardendeken in een oude kleedkamer begon Salo Muller in 1958 aan zijn werkzaamheden als fysiotherapeut bij Ajax. Onder die primitieve omstandigheden behandelde hij jarenlang in zijn eentje de voetballers van alle selecties van Ajax. Van privacy was geen sprake, want in drukke tijden zaten er soms wel 40 (!) voetballers in dezelfde ruimte, al moppentappend en vaak voorzien van ossenworst, te wachten op hun beurt. De situatie verbeterde licht toen Salo van Ajax een echte massagebank mocht aanschaffen, en er voor de hygiëne een fonteintje werd geïnstalleerd waar hij na elke behandeling zijn handen kon wassen. Na een inspiratietrip begin jaren ‘60 in Canada begon Salo zijn aanpak verder te professionaliseren. Bij het ijshockey en honkbal in Toronto zag hij fysiotherapeuten aan het werk met ultrageluid, paraffine en ijspakkings in modern geoutilleerde medische ruimtes. Bij terugkomst in Nederland richtte Salo bij Ajax in 1964 ook een eigen professionele ruimte in, met hulp van spelers uit de A1 die stuc- en schilderwerk verrichtten.

De nieuwe medische ruimte bij Ajax was een inspiratiebron voor fysiotherapeutisch Nederland in de jaren ‘60. Salo publiceerde veel over zijn inzichten en vernieuwende impulsen, in columns in de Telegraaf en het Parool. Als fysiotherapeut werd hij ook buiten Ajax vaak geconsulteerd en kreeg hij verzoeken om het Nederlands Elftal te begeleiden. Salo groeide mee met de nieuwe lichting van Ajax, met sterspelers als Piet Keizer en Johan Cruyff. Trainer Rinus Michels betrok hem nadrukkelijk bij het eerste team als elftalbegeleider, teammanager en recreatiebegeleider. Salo bleef aan Ajax verbonden tot 1972. Hij maakte de opkomst van het elftal mee tot de gouden jaren en was er bij toen Ajax de Europacup I won. Na de tweede Europacupwinst in 1972 raakte hij met de club in conflict over zijn belabberde salaris, gemiddeld €2,35 per uur, en zijn takenpakket van 60 uur. Hij nam met pijn afscheid van de club waar hij met hart en ziel had gewerkt.

‘Van bekende voetballers en Nederlanders, tot de burgemeester en minister-president. Iedereen kwam langs bij de praktijk van Salo.’

Na zijn Ajax-periode ontwikkelde Salo zijn fysiotherapiepraktijk in de Lairessestraat, waar hij met zijn team iedereen ontving: van bekende voetballers en Nederlanders, tot de burgemeester en de minister-president. Ook Ajax-voetballers bleven komen, maar waren helaas niet gewend om voor de behandelingen te betalen. Salo bleef op zijn praktijklocatie een inspiratiebron voor andere fysiotherapeuten en was erg betrokken bij de ontwikkeling van het vak. Hij was dertig jaar lang hoofdredacteur van het blad voor de fysiotherapie, Fysioscoop, organiseerde sportsymposia en schreef een tweetal boeken over de behandeling van blessures. In 2007 verscheen Blootgeven, een boek over zijn werk als fysiotherapeut. Muller beschrijft hierin een groot aantal van zijn bijzondere patiënten.

De oorlog en strijd voor erkenning

Een verhaal apart is Salo’s persoonlijke geschiedenis. Hij heeft tijdens de Duitse bezetting als Joods kind vanaf 1941 ondergedoken gezeten, nadat hij in de Hollandsche Schouwburg op dramatische wijze op afstand afscheid moest nemen van zijn ouders. Hij werd door illegale werkers weggehaald uit de crèche tegenover de Hollandsche Schouwburg en zat vervolgens ondergedoken op acht adressen, waar hij soms bittere ervaringen opdeed. Zijn beide ouders zijn omgebracht in Auschwitz. Over zijn traumatische belevenissen tijdens de oorlogsjaren schreef hij het boek Tot vanavond en lief zijn hoor. Dit waren de laatste woorden die zijn moeder tegen hem sprak toen ze hem bij de kleuterschool afzette. Die dag werd ze opgepakt door de Duitsers.

In de afgelopen jaren heeft Salo zich hard gemaakt voor een schadevergoeding van de NS aan slachtoffers van de Holocaust. De NS werkte namelijk mee aan de deportatie van Joden naar Westerbork. In 2018 heeft de NS onder niet aflatende druk van Salo alsnog besloten om een beperkte schadevergoeding te betalen aan door haar vervoerde gedeporteerden. In totaal is hiermee een bedrag van tientallen miljoenen euro’s gemoeid. Daarmee heeft Salo een late, maar cruciale erkenning van leed bereikt en zijn actie verdient het diepste respect.

Salo: ‘Trainen is goed, maar het menselijk lichaam heeft bij stagnerend herstel ook behoefte aan een heilzame massage.’

Salo maakt vandaag een uiterst energieke en gedreven indruk. Naast zijn strijd tegen NS, is hij betrokken bij (oud-)Ajax en volgt hij de ontwikkelingen van het vak fysiotherapie op de voet. Hij heeft zijn hele leven ervaringen gedeeld en wordt nog steeds door collega’s en patiënten gebeld. Ooit kwam het illustere Ajax-duo Piet Keizer en Johan Cruijff op zaterdagmorgen bij hem thuis langs voor een uitsmijter en een goede massage en nog steeds heeft hij in zijn woonkamer een behandelbank staan om mensen met klachten te helpen. De professionalisering van de fysiotherapie doet hem deugd, maar hij betreurt de doorgeslagen hands-off aanpak. Salo: “Trainen is goed, maar het menselijk lichaam heeft bij stagnerend herstel ook behoefte aan een heilzame massage!”